Elke vrijdag komen Cliniclowns Pip en Flap op bezoek bij de patiënten van de Kinderafdeling. Je ziet ze op de raadplegingen, het Kinderdagziekenhuis en de verblijfsafdeling. Achter de clowns zitten Emily Ghekiere en Goedele Vankelst. Even zetten zij hun rode neus af om ons een zeldzame blik te geven voor en achter de schermen van hun wondermooie job.
Voordat ze de vaste Cliniclowns van Vitaz werden, hebben Goedele en Emily in verschillende ziekenhuizen gewerkt. “We gaan langs bij kinderen van 10 dagen tot 18 jaar oud. Het is dus de kunst van ons constant aan te passen. Wij zien hier ook kinderen met allerlei diagnoses en mentale bijzonderheden. We komen in aanraking met heel uiteenlopende sociale situaties, culturen en talen.”
“Voordat wij starten met spelen, krijgen we een briefing over de achtergrond van de patiënten. Zo weten we bijvoorbeeld aan welke isolatiemaatregelen wij ons moeten houden. Dat zit in ons achterhoofd. Maar als clowns laten wij het een stukje achterwege. Een clown is heel onwetend. Die wil iedereen ontmoeten met een open geest. Wij komen elke kamer binnen met een soort nieuwsgierigheid. Wij komen op ontdekking.”
Ander beeld
Hoe maken jullie contact met kinderen? Geef eens een voorbeeld?
Goedele: “Daarnet bezochten we een meisje van een jaar oud met autisme. Haar moeder zei dat ze sociaal geen connectie maakt. Ze dacht dat het ons niet zou lukken. Toch wilden we het eens proberen.
Wij zijn binnengegaan met een schudei waarmee we geluid maken. Zo maken we ons kenbaar. Het meisje zat op een scherm naar Bumba te kijken. Ze keek op, maar haar aandacht bleef bij het scherm. Op een gegeven moment zwaaide Bumba. Wij zwaaiden terug. Het meisje zag ons wuiven. Ze deed haar armen open en raakte per ongeluk de hand van Pip aan. Zo hebben ze contact gemaakt. Pip raakte haar handje aan. Daar reageerde ze op. Dat was het begin van het echte spel.
Pip zag haar konijntje op de grond liggen en raapte het op. Ze gaf het direct een hele energieke stem en personage. Dat vond het meisje zo tof dat ze bijna helemaal was afgeleid van het scherm. We hebben haar zelfs zien lachen. Zo hebben ze een tijdje samen kunnen spelen.
Wat ik daar zo mooi aan vind, is dat de ouders hierdoor een ander beeld hebben gekregen. In plaats van haar beperkingen te zien, krijgen ze een beter idee van wat hun dochter wel nog kan. Ze kan contact leggen, onder bepaalde voorwaarden.”
"Sommige kinderen willen gewoon
hun verhaal eens kunnen vertellen."
Lachen niet verplicht
Zo te horen bieden jullie op meerdere manieren een mooie meerwaarde in de zorg.
Emily: “Als wij de kamer binnenkomen, zie ik soms het effect op de parameters. Hun hartslag verandert, pijnmedicatie gaat omlaag. Daaraan zie je dat wat wij doen wel werkt. Tegelijk is het mooie dat wij in deze medische omgeving de enigen zijn zonder therapeutische doelstelling. Wij willen de kinderen gewoon laten spelen en reageren, even kind laten zijn. Voor ons is het geslaagd als de lach nog in de kamer hangt nadat we zijn vertrokken. Al hoeven ze niet te lachen.”
Goedele: “Nee, het kan evengoed ontroering zijn of verdriet. Zo kunnen ze hun gevoelens even kwijt.”
Emily: “Sommige kinderen willen gewoon hun verhaal eens kunnen vertellen. Bijvoorbeeld als ze een ongeval hebben gehad, zeggen ze ons wat er is gebeurd. Wij luisteren en reageren daar des clowns op. Wij oordelen of veroordelen niet. En wij hebben een beroepsgeheim.”
Goedele: “Als clown kan je heel dicht bij de mensen komen op hun meest kwetsbare momenten. Dat vind ik nog altijd heel bijzonder. In het begin kennen wij hen niet en zij ons niet. En op het einde zijn we precies dikke vrienden. Soms hebben wij in twee minuten tijd al een band met een kind.”
Arts speelt mee
Wat jullie doen klinkt als vrijwilligerswerk, maar is wel degelijk een ‘gewone’ job. Of beter: een ongewone job. Hoe zijn jullie erin gerold?
Goedele: “Je kan niet solliciteren als je geen opleiding in de clownerie hebt gehad. In België zijn we met een dertigtal Cliniclowns. Ieder van ons heeft die zoektocht gedaan naar cursussen en workshops in de clownerie. Omdat het aanbod hier heel beperkt is, ben ik naar Duitsland en Nederland gegaan.”
Emily: “Cliniclowns houdt regelmatig audities. Daar ga je twee dagen naartoe. Nadien laten ze weten of je mag beginnen. Als je start, leg je eerst een intern traject af. Je moet een aantal speelbeurten en kijkbeurten doen. Gaandeweg word je geëvalueerd en gecoacht. Uiteindelijk krijg je een ‘ja’ of een ‘nee’. Wij worden professioneel opgeleid om in de zorg te spelen en daarbij ook artistiek niveau te halen.”
"De volwassenen lachen wel vaker
harder dan de kinderen."
Die expertise hebben jullie onlangs gedeeld met het zorgteam van de Kinderafdeling. Jullie gaven een vorming over contact leggen met kinderen.
Emily: “Dat klopt. We merkten dat het team ons wel bezig ziet, maar niet goed weet wat wij doen. Daarom wilden we onszelf voorstellen en hen enkele kneepjes van het vak leren. We hebben ook gesprekken gehad over hun vragen en bedenkingen.
Ze gaven bijvoorbeeld aan dat zij soms met veel warmte en genegenheid de kamer binnenkomen en dan plots een clown zien staan. ‘Oh shit, wat moet ik nu met die clown?’, denken ze dan. Ze kunnen moeilijk doen alsof wij er niet zijn. Daar hebben we een gesprek over gehad.
Als clowns maken wij daar vaak een spel van. We hebben al een arts doen aanbellen op een imaginaire deurbel. We waren met legoblokjes aan het spelen. Als het kind op een legoblokje duwde, maakte het geluid. Plots kwam de dokter binnen. Dat was zo’n mooi cadeau. We hebben de arts voordat ze binnen mocht komen eerst op het legoblokje doen aanbellen. Ze speelde dat goed mee. ‘Ding-dong’, zei ze. Zo begon haar onderzoek op een heel andere basis.”
Vrolijk richting OK
“Een van de vragen die we kregen, is of ze ons erbij kunnen roepen bij ingrijpende medische handelingen. Dat doen we in principe niet, al kunnen wij soms wel iets betekenen. Als wij bijvoorbeeld in het Kinderdagziekenhuis al een goed contact hadden met een angstig kind dat naar het Operatiekwartier moet dan wandelen wij mee.”
Goedele: “Die kinderen rollen heel vrolijk naar het OK. Ik denk dan ‘oei, die gaan misschien snel terug ontnuchterd zijn’.”
Emily: “We hebben ook al een kind naar de echo begeleid. We liepen achter hem en zijn mama. De hele rit riepen we ‘echoo echooo echoooo’. Dat was zo onnozel. Iedereen die we tegenkwamen, schoot in de lach. De mama was op den duur heel ontspannen. De volwassenen lachen wel vaker harder dan de kinderen.” (lacht)
Goed contact
Welke tips kunnen jullie meegeven voor wie de vorming heeft gemist?
Goedele: “Zorg heel goed voor jezelf. Dat is ook voor ons heel belangrijk. Zorg er bijvoorbeeld voor dat je goed slaapt, dat je niet met andere dingen in je hoofd zit. Blijf goed in het hier en nu in contact met jezelf. Als ik naar hier kom, zorg ik ervoor dat ik ontspannen ben. Ik focus op mijn adem en voel mijn lichaam. Dat geeft je een bepaald soort rust. Je moet altijd met rust en openheid de kamer binnengaan. De rust die je uitstraalt, je lichaamstaal en de manier waarop je hen aankijkt, bepalen voor een groot deel of de patiënten het gevoel hebben dat ze gezien worden.”
Emily: “Als je met kinderen omgaat, is authentiek zijn heel belangrijk. Je moet je ook altijd aanpassen aan het niveau van het kind. Wij nemen onze tijd om interesse te tonen voor wie ze zijn, wat ze graag hebben en om te luisteren.”
Goedele: “Zeg ook altijd op voorhand wat je gaat doen en observeer met al je zintuigen. Door bijvoorbeeld goed te luisteren, hoor je kinderen soms iets zeggen waardoor je aanvoelt dat je best nog even wacht. Als je twijfelt, laat ze dan kiezen. Zo kunnen ze bijvoorbeeld kiezen wat ze eerst willen doen. Dat geeft hen wat meer autonomie.”
Wil jij Cliniclowns helpen om zoveel mogelijk kinderen te bezoeken? Ontdek hoe jij kan steunen.
Lees meer:
- PROSA-verpleegkundige Sofie stelt angstige kinderen gerust
- Kinderen met slaapproblemen? Verpleegkundige Sindy geeft tips
- Spelbegeleidster Martina: “Die lachende gezichtjes, daar doe ik het voor”