Een tumor in de hersenen kan goed- of kwaardaardig zijn. Omwille van de lokalisatie en/of de klachten die het letsel veroorzaakt, moet de tumor verwijderd worden. Het weghalen van een tumor in de hersenen gebeurt d.m.v. een trepanatie. Daarbij wordt een stukje van je schedel verwijderd (botluik) zodat het hersenweefsel bereikbaar wordt. Het verwijderde deel van het bot wordt na de ingreep teruggeplaatst en onder de huid gefixeerd.
Chirurgische behandeling
Afhankelijk van de lokalisatie van het letsel wordt de plaats van de insnijding bepaald. Dit gebeurt steeds onder neuronavigatie (een soort gps-systeem). Na de insnijding in de huid wordt het botluik gemaakt d.m.v. trepanatie. Na de trepanatie komen we terecht op de hersenvliezen, die het hersenweefsel beschermen. Deze worden scherp geopend. Vervolgens komen we terecht op het zachte hersenweefsel. Op basis van onze neuronavigatie kunnen we de weg naar de tumor eenvoudig vinden zodat deze verwijderd kan worden.
Het verwijderen van een tumorletsel gebeurt onder de microscoop. Afhankelijk van het soort letsel of de consistentie ervan, kunnen verschillende technische apparaten gebruikt worden om het te kunnen verwijderen. Het verwijderde weefsel wordt ingezonden naar het labo voor anatomo-pathologisch onderzoek. Als de ingreep voltooid is, worden de hersenvliezen terug gesloten d.m.v. hechtingen. Het botluik wordt daarna teruggeplaatst en gefixeerd met kleine schroefjes en plaatjes. Hierover wordt de huid gesloten en een verband aangelegd.
Na de ingreep ga je naar de dienst intensieve zorgen voor adequate neuromonitoring en bloeddrukcontrole.
Voorbereiding op je opname
Het is heel belangrijk om bij je bezoek aan de arts steeds te vermelden of je al dan niet behandeld wordt met bloedverdunnende medicijnen. Enkele voorbeelden hiervan zijn Asaflow®, Plavix®, Marcoumar® en Marevan®. Omdat deze producten de bloedstolling beïnvloeden, betekenen zij een groot bloedingsgevaar tijdens en na de operatie. De arts zal met jou bespreken om de inname van deze medicatie op voorhand te stoppen.
Het is ook van belang mogelijke allergieën mee te delen zodat we indien nodig preventieve maatregelen kunnen nemen. Voorbeelden zijn: latexallergie, contrastallergie, allergie voor bepaalde medicijnen of producten, kleefpleisters …
Lees hier wat je moet meebrengen en wie je moet verwittigen. Als je anti-trombosekousen hebt, breng die dan zeker ook mee.
Meestal word je opgenomen de dag vóór de operatie of de dag van de operatie ’s ochtends. Dit zal de verpleegkundige neurochirurgie bepalen aan de hand van het operatieprogramma. Kom je de dag van de operatie zelf binnen, dan moet je nuchter zijn. Nuchter wilt zeggen: niet meer eten vanaf middernacht. Drinken mag tot 2 uur voor de opname. Meer info over nuchter zijn vind je hier.
Opname
Je gaat naar de dienst opname en wordt begeleid naar de afdeling. De afdelingsverantwoordelijke voor de opname zal je een kamer toewijzen. Het toewijzen van een eenpersoonskamer verloopt naargelang de beschikbaarheid en wordt geregeld vanuit de opnamedienst. Als je nog geen pre-operatieve onderzoeken hebt laten uitvoeren, moet dit wel gebeuren als je ouder bent dan 65 jaar, of op voorschrift van de arts. Aan de hand van een vragenlijst wordt de anamnese afgenomen en je krijgt ook een vragenlijst die je moet invullen en tekenen voor de anesthesist (slaapdokter). Verder zal men je ook anti-trombosekousen aanmeten om tijdens en na de operatie bloedstolling in de aders te voorkomen. Als je zo'n kousen al hebt, breng ze dan zeker mee.
Voor de operatie zal jouw haar gewassen worden met Isobetadine shampoo om infecties te voorkomen. Er zal nog een scan (CT of NMR) genomen worden van je hersenen. Deze beelden gebruiken we voor de navigatie tijdens de operatie. Afhankelijk van de lokalisatie van het tumorletsel is het al dan niet nodig om voor de scan klevertjes op je hoofd (fiducials) te plaatsen. Deze zullen na de trepanatie weer verwijderd worden.
Verloop van de operatie
Vlak voor je naar de operatiezaal vertrekt, krijg je een operatiehemd om. Kunstgebit, contactlenzen, juwelen en piercings moet je verwijderen. Je houdt je slip aan. Als je geplast hebt worden de anti-trombosekousen aangedaan en word je met je bed naar de operatiezaal gereden.
De operatie
De ingreep gebeurt meestal onder algemene narcose, tenzij er medische tegenindicaties zijn. De anesthesist zal in je arm een infuus prikken en je in slaap brengen. Als je slaapt, plaatst hij een slangetje in je keel waarlangs de ademhaling tijdens de ingreep overgenomen wordt door een machine. Je bent ook heel de tijd in verbinding met een hartmonitor. We installeren je op een speciale tafel in een houding waarop het letsel gemakkelijk bereikbaar is (afhankelijk van de lokalisatie van het tumorletsel). Je hoofd wordt vastgehouden in een klem (Mayfield) waaraan het ijkpunt van de neuronavigatie gekoppeld wordt. Als de ingreep voorbij is, word je terug in bed gelegd en naar de dienst intensieve zorgen gebracht.
Na de operatie
Op de dienst intensieve zorgen worden je parameters strikt in het oog gehouden. De dag na de operatie gebeurt een controle CT-scan van de hersenen. Wanneer de scan en de parameters goed zijn, kun je na goedkeuring van de intensivist verhuizen naar de neurochirurgische afdeling.
Als je terug op de kamer bent, is het belangrijk de eerste keer je bed te verlaten onder begeleiding van een verpleegkundige. De verpleegkundige komt regelmatig langs om infuus, verband, pijn en bloeddruk te controleren. Via het infuus krijg je pijnstilling. Het is niet de bedoeling onnodig pijn te lijden. Als je toch pijn hebt, meld dit aan de verpleegkundige die je - op advies van de artsen - de nodige pijnstilling zal geven. Normaal is een hersenoperatie niet pijnlijk. Na de operatie mag je eten en drinken, tenzij dit door de anesthesist anders wordt voorgeschreven.
De éérste dag na de operatie komt de kinesitherapeut langs om je te evalueren tijdens het stappen en bij het trappen lopen. Hij zal ook antwoorden op eventuele vragen over liggen, zitten en andere activiteiten. De verpleegkundige controleert de wonde en vervangt het verband. Vandaag wordt ook met een medicatieschema gestart
Enkele dagen na de operatie wordt je infuus verwijderd en krijg je een prikje in de buik ter preventie van trombose.
Na een trepanatie moet je minstens 5 dagen in het ziekenhuis verblijven omdat we de wonde goed moeten opvolgen.
Naar huis
De arts zal de nodige attesten invullen, medicatie voorschrijven, vervolgafspraken regelen en een brief aan de huisarts richten. Na 6 à 7 weken verwacht hij/zij je terug op de consultatie voor een postoperatieve klinische controle.
Als een bijkomende behandeling nodig is (zoals radio– of chemotherapie), dan maken wij voor jou de eerste afspraken.
Opvolging thuis
- Luister goed naar je lichaam
- Je mag zelf niet met de auto rijden
- Tijdens je controle-afspraak bespreken we wanneer je opnieuw kan werken en autorijden
- Bij pijn mag je pijnstelling nemen volgens het schema dat je meekrijgt
- Als je problemen hebt met de wonde of de medicatie, kun je steeds terecht bij je huisarts. Hij/zij kan dit nakijken en aanpassen indien nodig